• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
Logo CT2 2018

  • Wie wij zijn
    • CT²-team
    • CT² aanpak
    • Waar we voor staan
    • Klantverhalen
    • Plan een gesprek
  • Wat wij bieden
    • OR-training / heidagen op maat
    • Externe deskundigen
    • CT2-methode coaching
    • OR-coaching
    • Groeps-coaching
    • Coaching-Bestuurders met een OR
    • Coaching voor ondernemers
    • Personal-coaching
    • Coaching on the job
    • OR toolbox voor de pratijk
    • Antwoord van de OR-experts
  • Onze thema’s
    • Alle thema’s
    • Nieuw in de OR?
    • Instemmingsrecht
    • Adviesrecht
    • Faciliteiten & vergoedingen
    • Reorganisatie & sociaal plan
    • Fusie en overname
    • Arbo & RI&E
    • AI & digitalisering
    • OR-verkiezingen en OR-reglement
    • De WOR wegwijzer
    • Laatste wetswijzigingen
  • Wat wij delen
    • Artikelen
    • Thema’s
  • FAQ
  • Contact
    • Contactformulier
    • Kennismaken met Sander
    • Plan een gesprek
  • Mijn account
    • Mijn account
    • Profiel bewerken
    • Inloggen
Logo CT2 2018

  • Wie wij zijn
    • CT²-team
    • CT² aanpak
    • Waar we voor staan
    • Klantverhalen
    • Plan een gesprek
  • Wat wij bieden
    • OR-training / heidagen op maat
    • Externe deskundigen
    • CT2-methode coaching
    • OR-coaching
    • Groeps-coaching
    • Coaching-Bestuurders met een OR
    • Coaching voor ondernemers
    • Personal-coaching
    • Coaching on the job
    • OR toolbox voor de pratijk
    • Antwoord van de OR-experts
  • Onze thema’s
    • Alle thema’s
    • Nieuw in de OR?
    • Instemmingsrecht
    • Adviesrecht
    • Faciliteiten & vergoedingen
    • Reorganisatie & sociaal plan
    • Fusie en overname
    • Arbo & RI&E
    • AI & digitalisering
    • OR-verkiezingen en OR-reglement
    • De WOR wegwijzer
    • Laatste wetswijzigingen
  • Wat wij delen
    • Artikelen
    • Thema’s
  • FAQ
  • Contact
    • Contactformulier
    • Kennismaken met Sander
    • Plan een gesprek
  • Mijn account
    • Mijn account
    • Profiel bewerken
    • Inloggen

stel je vraag over de ondernemingsraad

Je hebt een vraag over de OR, maar je weet niet goed bij wie je terechtkan. Of je twijfelt of je die vraag wel kunt stellen, omdat de situatie gevoelig ligt of omdat je niet zeker weet of geheimhouding van toepassing is.

Stel je vraag hier. Een expert van CT² kijkt mee en geeft een eerste inhoudelijk antwoord.

Je vraag mag kort zijn. Dat is juist de bedoeling. Wij weten dat de situatie achter een korte vraag vaak een stuk ingewikkelder is. Daarom leggen we in elk antwoord altijd uit van welke aannames we uitgaan. Zo weet je hoe we tot ons antwoord komen en wat er verandert als de situatie net wat anders ligt.

stel direct je vraag

waarover kun je een vraag stellen?

Eigenlijk over alles wat in de OR speelt. Vragen over rechten en plichten komen het meest voor, maar evengoed vragen over een lastige situatie met de Bestuurder, een reorganisatie die eraan komt, de aankomende verkiezingen of iets wat er in de samenwerking binnen de OR wringt.

Weet je niet precies onder welk thema je vraag valt? Geen probleem. Kies wat er het dichtst bij lijkt. Is het een dringende vraag? Je kunt ons ook bellen tijdens kantooruren: 040-2813128.

vragen & antwoorden per thema

Over de volgende thema’s hebben OR-leden eerder vragen gesteld:

 

nieuw in de OR
instemmingsrecht
arbo en RI&E
adviesrecht
faciliteiten en vergoedingen
OR-verkiezingen en reglement
de WOR wegwijzer

wat kun je van ons antwoord verwachten?

OR-vragen komen zelden met alle context. Iemand beschrijft in twee zinnen wat er speelt, en de situatie achter die twee zinnen is vaak een stuk complexer. Dat weten we. Daarom vermelden we in elk antwoord welke aannames we hebben gemaakt en hoe die aannames het antwoord beïnvloeden. Zo krijg je geen schijnzekerheid, maar een antwoord dat je helpt om zelf te beoordelen wat er aan de hand is en wat een logische volgende stap voor de OR kan zijn.

Wil je dat jouw vraag ook andere OR-leden helpt? Dan kunnen we je vraag en ons antwoord op deze pagina publiceren. Jij bepaalt zelf of dat mag en hoe herkenbaar je naam en organisatie daarin mogen zijn.

zo werkt het stellen van vragen aan de OR experts:

Je stelt je vraag via het formulier hieronder. Beschrijf kort wat er speelt, wat al bekend is en waar je vooral antwoord op wilt. Een CT²-expert bekijkt je vraag en geeft een eerste inhoudelijke duiding terug, met het juridische kader als dat relevant is en een praktische vertaling naar jouw situatie.

Over publicatie beslis je zelf. In het formulier geef je aan of je vraag op deze pagina mag worden geplaatst en hoe herkenbaar je wilt zijn. Niet elke vraag wordt openbaar gepubliceerd. Als we een vraag plaatsen, kunnen we die inkorten of neutraler formuleren. De inhoud blijft, de situatie wordt minder herkenbaar.

stel hier je vraag

Vul hieronder je vraag in. Hoe concreter je bent, hoe gerichter wij kunnen antwoorden.

Stel hier je vraag aan de OR-experts!

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
  • voor publicatie kunnen we ook een schuilnaam gebruiken.
  • hierheen sturen we alleen berichten over jouw vraag.
  • Beschrijf kort wat er speelt. Zet erbij wat al bekend is, wat nog onduidelijk is en waar je vooral antwoord op wilt.
  • Als we je vraag publiceren, kunnen we die inkorten of redigeren om de situatie beter leesbaar en minder herkenbaar te maken.
  • Privacyverklaring

 

recente vragen en antwoorden

Hieronder staat een selectie van vragen die we eerder ontvingen, met de bijbehorende antwoorden. De inhoud is waar nodig ingekort, geredigeerd of geanonimiseerd. 

Deze vragen zijn ook voor andere OR-en relevant. Maar we plaatsen hier alleen vragen met toestemming van de vraagsteller. 

thema: nieuw in de OR

thema: nieuw in de OR

vraag: 'Hoe kunnen medewerkers een OR oprichten als de directie dat weigert?'

“Wij hebben 90 medewerkers, maar nog geen OR of PVT. Getoetst of er animo is en die is er. Maar de directie wil geen OR, eventueel wel een PVT, maar dan ook zelf bepalen wie er aan deelneemt. Niemand is lid van een vakbond (te duur), maar nu weet niemand hoe te beginnen. Zeker niet zolang de directie de deur dicht houdt. Op welke manier kunnen mijn collega's nu toch van start gaan?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord Met 90 medewerkers is de werkgever wettelijk verplicht een OR in te stellen. De directie kan dat niet weigeren. Als de directie dat toch doet, zijn er meerdere wegen om die verplichting af te dwingen, ook zonder vakbondslidmaatschap.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat alle 90 medewerkers in dienst zijn van dezelfde juridische entiteit en dat er nog nooit eerder een OR of PVT is geweest in de organisatie. We gaan er verder vanuit dat de directie mondeling of impliciet heeft aangegeven geen OR te willen instellen.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 2 van de WOR verplicht de ondernemer een OR in te stellen zodra de onderneming ten minste 50 personen in dienst heeft. Bij 90 medewerkers bestaat die verplichting dus al enige tijd. De directie heeft op dit punt geen keuze. Een PVT is alleen mogelijk als er minder dan 50 medewerkers in dienst zijn, op grond van artikel 35c van de WOR. Bij 90 medewerkers is een PVT geen alternatief voor een OR, maar een aanvulling daarop als de OR dat zelf wil.

Het voorstel van de directie om zelf te bepalen wie er aan een PVT deelneemt, is bovendien in strijd met de WOR. Zowel een PVT als een OR worden democratisch gekozen door de medewerkers. De directie heeft geen bevoegdheid om leden te benoemen.

In het verleden hebben rechters organisaties opgedragen om alsnog een OR in te stellen. De rechter wijst een dergelijk verzoek vrijwel altijd toe als aan de wettelijke drempel van 50 medewerkers is voldaan.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De medewerkers hoeven niet te wachten op toestemming van de directie. Ze kunnen zelf het initiatief nemen. Vakbonden zijn bereid om medewerkers te helpen bij het afdwingen van een OR, ook als die medewerkers geen lid zijn. Daarnaast zijn er brancheplatforms van ondernemingsraden en sectorspecifieke netwerken waar al ervaring is opgedaan met vergelijkbare situaties. Een gesprek met een van de betrokken vakbonden kan snel duidelijkheid geven over welke stappen er gezet kunnen worden.

Verstandige volgende stap

Neem contact op met een vakbond die actief is in jullie branche. Je hoeft daarvoor geen lid te zijn. Vraag of zij bereid zijn te helpen bij het afdwingen van de OR-instelling. Dat kan beginnen met een brief aan de directie waarin de wettelijke verplichting wordt benoemd, en zo nodig uitmonden in een procedure bij de kantonrechter. Zorg dat de animo onder medewerkers schriftelijk is vastgelegd, zodat je kunt aantonen dat de wil er is.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: nieuw in de OR

uitlegpagina: de Wet op de ondernemingsraden

WOR-artikelen:
artikel 2 WOR: verplichting tot instelling OR
 artikel 35c WOR: personeelsvertegenwoordiging      

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over nieuw in de OR

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: nieuw in de OR

vraag: 'Wat moet de Bestuurder doen met instemmings- en adviesplichtige zaken als bijna alle OR-leden hun functie neerleggen?'

“Wij hebben een OR waarvan het grootste deel hun OR-rol heeft opgezegd. Het overblijvende lid zal nieuwe verkiezingen uitschrijven, maar wat moet de werkgever nu doen als er zaken zijn waarvoor instemming nodig is van de OR? Kan dit met het overgebleven lid besproken worden? Of moet alles stil blijven liggen totdat er een nieuwe OR is?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: Jo

kort antwoord Het overblijvende OR-lid is formeel de volledige OR en kan alle instemmings- en adviesplichtige zaken behandelen. Maar dat is volgens de letter van de wet, niet naar de geest ervan. In de praktijk wordt de inhoudelijke behandeling van zaken vrijwel altijd uitgesteld totdat er een nieuwe OR is gekozen, tenzij uitstel echt niet mogelijk is.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat meerdere OR-leden hun zetel formeel hebben opgegeven en dat er nog één OR-lid over is dat de OR vertegenwoordigt. We gaan er verder vanuit dat dit OR-lid al bezig is met de voorbereiding van tussentijdse verkiezingen en dat er instemmings- of adviesplichtige zaken spelen die mogelijk niet kunnen wachten op een nieuwe OR.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

De WOR kent geen minimumvereiste voor het aantal OR-leden dat nodig is om besluiten te nemen, zolang er maar OR-leden zijn. Op grond van artikel 9 van de WOR is de OR verplicht tussentijdse verkiezingen uit te schrijven zodra er vacatures zijn. Het overblijvende OR-lid is in de tussentijd formeel de OR en kan instemmings- en adviesplichtige zaken behandelen op grond van artikel 27 en artikel 25 van de WOR. Of dat democratisch verantwoord is, is een andere vraag.

Als de behandeling van een zaak echt niet kan wachten en er een conflict ontstaat tussen het overblijvende OR-lid en de Bestuurder, is het verstandig een juridisch adviseur in te schakelen om te zorgen dat de procedure zo zorgvuldig mogelijk verloopt.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

 In de praktijk kiest het overblijvende OR-lid er vrijwel altijd voor om de inhoudelijke behandeling van zaken uit te stellen totdat er een nieuwe OR is. Dat doet hij in overleg met de Bestuurder. Tegelijkertijd zorgt het overblijvende OR-lid dat alle proceszaken op orde zijn voor de nieuwe OR: vergaderdata, locaties, afspraken over de aanwezigheid van de Bestuurder en het op orde brengen van de dossiers. Zo kan de nieuwe OR direct na de verkiezingen aan de slag.

Is er een zaak die echt niet kan wachten, dan kan de OR-instemming of het advies worden opgesplitst: nu beslissen over de onderdelen die direct noodzakelijk zijn, en voor de rest een nieuwe instemmingsaanvraag of adviesaanvraag indienen bij de nieuwe OR zodra die is gekozen.

Verstandige volgende stap

Maak als overblijvend OR-lid zo snel mogelijk afspraken met de Bestuurder over welke zaken kunnen wachten en welke niet. Leg die afspraken schriftelijk vast. Schrijf daarna zo snel mogelijk tussentijdse verkiezingen uit. Is er een zaak die echt niet kan wachten, schakel dan een juridisch adviseur in om te zorgen dat de procedure zo democratisch en zorgvuldig mogelijk verloopt.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: nieuw in de OR

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikelen:
artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR
artikel 25 WOR: adviesrecht van de OR
artikel 27 WOR: instemmingsrecht van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen voor wie nieuw is in de OR

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: nieuw in de OR

vraag: 'Hoe kan ik als OR-lid met een flexcontract doelen stellen als ik moeilijk bij mijn achterban kan komen?'

“Ik zit zelf nu als flex medewerker in een OR en merk dat daar best veel bij komt kijken. Mijn algemene vraag is: hoe kan ik als flex medewerker de juiste doelen stellen als ik zo moeilijk bij de achterban kan komen?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: José Hogeweg

kort antwoord De organisatie is verplicht jou als OR-lid te faciliteren om je achterban te bereiken, ook als flex medewerker. Het begint met aansluiten bij de communicatiekanalen die de organisatie zelf al gebruikt. Vanuit daar kun je stap voor stap een eigen lijn opbouwen met je achterban, en van daaruit ook je doelen als OR-lid bepalen.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat José als OR-lid een specifieke achterban vertegenwoordigt, bijvoorbeeld flex medewerkers of een bepaalde kiesgroep, en dat de organisatie nog geen vaste communicatielijn heeft opgezet tussen de OR en die groep medewerkers. We gaan er verder vanuit dat de OR nog geen eigen nieuwsbrief of ander regulier communicatiemiddel heeft.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Op grond van artikel 18 van de WOR heeft de OR het recht op de faciliteiten die nodig zijn voor een goede vervulling van zijn taak. Daar valt ook het recht onder om de achterban te bereiken en te raadplegen. De organisatie moet dat faciliteren, ongeacht of het OR-lid een vast of een flexibel contract heeft. Een OR-lid met een flexcontract heeft dezelfde rechten en dezelfde bescherming als een OR-lid met een vast dienstverband, op grond van artikel 21 van de WOR.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

Doelen stellen als OR-lid begint bij weten wat er leeft onder de achterban. Wie je achterban is en hoe je die bereikt, is de eerste stap. Sluit daarvoor aan bij de communicatiekanalen die de organisatie zelf al gebruikt voor die groep medewerkers: een maillijst, een prikbord, een app-groep of een inlegvel bij een bestaande mailing. Vraag de organisatie om toegang tot die kanalen. Dat is geen gunst, maar een recht.

Vanuit die eerste kennismaking kun je een regelmatige communicatielijn opbouwen. Een korte nieuwsbrief of update elke vier tot zes weken, ook als er geen groot nieuws is, houdt de verbinding in stand. Vraag in die communicatie ook actief wat er leeft. De antwoorden die je terugkrijgt, vormen de basis voor je doelen als OR-lid.

Verstandige volgende stap

Breng in kaart welke communicatiekanalen de organisatie gebruikt om jouw achterban te bereiken. Vraag de Bestuurder of OR-secretaris om toegang tot die kanalen. Stuur daarna een eerste bericht waarin je jezelf voorstelt, uitlegt wat je doet als OR-lid en aangeeft dat je regelmatig in contact wilt blijven. Vermeld je contactgegevens en vraag wie een volgende update wil ontvangen. Zo bouw je stap voor stap een achterban op waarmee je ook echt in gesprek kunt gaan over wat er speelt.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: nieuw in de OR

uitlegpagina: wat zijn OR-faciliteiten?

WOR-artikelen:
artikel 18 WOR: vrijgestelde tijd en scholingsrechten
artikel 21 WOR: bescherming OR-leden

FAQ-pagina: veelgestelde vragen voor wie nieuw is in de OR

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

Thema: Instemmingsrecht

thema: instemmingsrecht

vraag: 'Mag de OR instemmen met gewijzigde werktijden zonder de achterban te raadplegen?'

“Mag de OR zonder de achterban in te lichten instemmen met een wijziging van de werktijden per dag? Als voorbeeld: op maandag, dinsdag en donderdag werken we meer dan 8 uur en de dagen ertussen en erna werken we minder, maar medewerkers maken nog steeds 40 uur per week. Bij iedere werknemer staat in het contract dat hij 40 uur per week werkt van 7.30 tot 16.30 uur.”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De OR mag formeel instemmen met een wijziging van de werktijdenregeling, maar het is onverstandig om dat te doen zonder de achterban te raadplegen. Bovendien geldt dat als de werktijden in de individuele arbeidsovereenkomst zijn vastgelegd, de OR die niet zomaar opzij kan zetten.

Uitgangspunten en aannames

 Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de Bestuurder een instemmingsverzoek heeft ingediend bij de OR voor de wijziging van de werktijdenregeling en dat de werktijden zowel in de individuele arbeidsovereenkomsten als in een personeelshandboek zijn vastgelegd. We gaan er verder vanuit dat er geen cao van toepassing is die de werktijden nader regelt.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 27 van de WOR maakt een wijziging van de werktijdenregeling instemmingsplichtig. De OR heeft dus een formele rol bij dit besluit. Dat betekent echter niet dat de OR de individuele arbeidsovereenkomsten van medewerkers opzij kan zetten. Als in de arbeidsovereenkomst specifieke werktijden zijn vastgelegd, dan gelden die afspraken tussen werkgever en werknemer individueel. Een instemmingsbesluit van de OR wijzigt die individuele afspraken niet automatisch.

 

Staat er in de arbeidsovereenkomst een bepaling waarin de bevoegdheid om werktijden te wijzigen expliciet is overgedragen aan de OR, dan ligt dat anders. In dat geval kan de OR wel instemmen met de wijziging, maar dan nog geldt dat het onverstandig is om dat te doen zonder de achterban te raadplegen. De OR vertegenwoordigt immers de belangen van alle medewerkers en kan die belangen alleen goed wegen als hij weet wat er onder de medewerkers leeft.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

Als de werktijden in de individuele contracten staan, moet de werkgever met elke medewerker afzonderlijk overeenstemming bereiken over de wijziging. De instemming van de OR is dan een noodzakelijke maar niet voldoende voorwaarde. Medewerkers die niet akkoord gaan met de wijziging van hun individuele contract kunnen daartoe niet worden gedwongen op basis van een OR-instemmingsbesluit alleen.

verstandige volgende stap Raadpleeg als OR eerst de achterban voordat je een standpunt inneemt over het instemmingsverzoek. Controleer daarna of de werktijden in de individuele arbeidsovereenkomsten zijn vastgelegd en of er een bepaling in de contracten staat over de bevoegdheid van de OR. Bespreek dit ook met de Bestuurder, zodat duidelijk is welke stappen er naast de OR-instemming nog nodig zijn om de wijziging rechtsgeldig door te voeren.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: instemmingsrecht

uitlegpagina: wat is het instemmingsrecht?

WOR-artikel: artikel 27 WOR: instemmingsrecht van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over het instemmingsrecht

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: instemmingsrecht

vraag: 'Is het instemmingsplichtig als de werkgever op één afdeling verschoven werktijden invoert binnen de bestaande flexibele werktijden?'

“Op een bepaalde afdeling wil de werkgever verschoven werktijden invoeren van 9.00 tot 18.00 uur. Dat valt in principe nog binnen de flexibele werktijden die we hebben van 07.00 tot 18.00 uur. Maar de medewerkers op die afdeling mogen dan in die week niet eerder beginnen dan 09.00 uur. Het gaat om een pool van mensen die wisselend deze dienst moeten draaien. Is dit instemmingsplichtig?”

beantwoord door: Karen Maessen
vraagsteller: Henry

kort antwoord Dat hangt ervan af of de bestaande werktijdenregeling wordt gewijzigd of dat er binnen de kaders van die regeling wordt gehandeld. Is de flexibele werktijd van 07.00 tot 18.00 uur de regeling zelf, dan wijzigt de regeling in principe niet. Maar als de verschoven werktijden een structureel en duurzaam karakter krijgen, is er wel degelijk sprake van een wijziging van de regeling en is instemming van de OR vereist.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de huidige werktijdenregeling een bandbreedte kent van 07.00 tot 18.00 uur waarbinnen medewerkers flexibel kunnen beginnen en eindigen. We gaan er verder vanuit dat de verschoven werktijden van 09.00 tot 18.00 uur op structurele basis worden ingevoerd voor een vaste pool van medewerkers en niet incidenteel worden toegepast.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 27 van de WOR maakt een wijziging van een werktijdenregeling instemmingsplichtig. Of er sprake is van een wijziging, hangt af van wat de regeling inhoudt. Een regeling kenmerkt zich door een duurzaam karakter. Als de huidige regeling alleen een bandbreedte vastlegt waarbinnen medewerkers zelf hun werktijden bepalen, en de werkgever nu voor een groep medewerkers die vrijheid structureel beperkt door hen te verplichten niet vóór 09.00 uur te beginnen, dan is er sprake van een inhoudelijke wijziging van de regeling. Die wijziging is instemmingsplichtig.

Een tijdelijke afwijking van de werktijden is niet altijd instemmingsplichtig. Maar zodra de maatregel een structureel en duurzaam karakter krijgt en de keuzevrijheid van medewerkers blijvend beperkt, verandert de beoordeling.

wat dit praktisch betekent voor de OR De OR doet er verstandig aan om bij de Bestuurder na te vragen of de verschoven werktijden tijdelijk of structureel zijn bedoeld en of de bestaande werktijdenregeling formeel wordt aangepast. Is het antwoord dat de maatregel structureel is en de regeling feitelijk wijzigt, dan heeft de OR instemmingsrecht en moet er een formeel instemmingsverzoek worden ingediend voordat de maatregel wordt ingevoerd.

Verstandige volgende stap

Vraag de Bestuurder schriftelijk of de verschoven werktijden tijdelijk of structureel zijn en of de bestaande werktijdenregeling hierdoor wordt gewijzigd. Is de maatregel structureel, dien dan als OR een formeel standpunt in en vraag om een instemmingsverzoek op grond van artikel 27 van de WOR voordat de maatregel wordt ingevoerd.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: instemmingsrecht

uitlegpagina: wat is het instemmingsrecht?

WOR-artikel: artikel 27 WOR: instemmingsrecht van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over het instemmingsrecht

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

Thema: Faciliteiten & vergoedingen

thema: faciliteiten en vergoedingen

vraag: 'Mag mijn manager mij vragen mijn OR-functie op te geven omdat het OR-werk geen prioriteit heeft over mijn overige werk?'

“Mag mijn manager (lid van het MT) van mij vragen mijn OR-functie op te geven en uit de OR te stappen, omdat het OR-werk geen prioriteit zou hebben over mijn overige werk?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord Nee. Als OR-lid ben je gekozen door je achterban en heb je het recht om je functie als OR-lid uit te oefenen voor de rest van de zittingstermijn. Alleen jijzelf kunt beslissen of je je zetel opgeeft. Niemand anders kan je daartoe dwingen.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat het OR-lid regulier is gekozen voor een lopende zittingstermijn en dat de manager mondeling of schriftelijk heeft gevraagd de OR-functie neer te leggen vanwege werkdruk of prioriteiten op de werkvloer.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

 Artikel 21 van de WOR beschermt OR-leden tegen benadeling als gevolg van hun OR-werk. Een OR-lid mag niet worden benadeeld in zijn positie in de onderneming vanwege zijn kandidaatstelling, zijn lidmaatschap of zijn werkzaamheden voor de OR. Het verzoek van de manager om de OR-functie neer te leggen is in strijd met de geest van dit artikel.

Alleen de kantonrechter kan een OR-lid zijn zetel ontnemen, en alleen als dat OR-lid het functioneren van de OR ernstig belemmert. In de praktijk wijst de rechter een dergelijk verzoek vrijwel altijd af. De bescherming van OR-leden gaat ver.

Als de manager vindt dat de combinatie van OR-werk en regulier werk problemen geeft, is dat een kwestie die de werkgever moet oplossen. Op grond van artikel 18 van de WOR heeft de OR-lid recht op de tijd die nodig is voor zijn OR-werk, zonder inlevering van salaris. De kosten die dat met zich meebrengt, zijn voor rekening van de werkgever.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

Het feit dat de manager dit verzoek doet, is op zichzelf al een signaal dat er iets speelt rondom de positie van de OR in de organisatie. Dat is een onderwerp dat de OR als geheel zou moeten bespreken, niet alleen het betreffende OR-lid. Als de werkdruk te hoog is om OR-werk en regulier werk te combineren, is dat een probleem dat de werkgever moet oplossen, bijvoorbeeld door de werkzaamheden van het OR-lid te verlichten of door extra capaciteit aan te trekken.

verstandige volgende stap

Bespreek de situatie eerst in de OR-vergadering met de andere OR-leden. Ga daarna als OR samen met de Bestuurder in gesprek over de werkdruk van OR-leden en hoe de organisatie dat gaat oplossen. Leg het verzoek van de manager schriftelijk vast, zodat je een dossier opbouwt als de situatie escaleert.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: faciliteiten en vergoedingen van de OR

uitlegpagina: wat zijn OR-faciliteiten?

WOR-artikelen:
artikel 18 WOR: vrijgestelde tijd en scholingsrechten
artikel 21 WOR: bescherming OR-leden

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over faciliteiten en vergoedingen

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: faciliteiten en vergoedingen

vraag: 'Mag mijn werkgever mij uit mijn ploegendienst halen omdat ik anders als OR-lid niet gemist kan worden?'

“Mag een werkgever mij tijdelijk uit mijn huidige functie zetten? Ik werk ploegendienst in een ploeg van 8 man. Als ik voor de OR weg ben missen ze dus 1 man. Nu willen ze mij dagdienst laten werken zodat ze makkelijker iemand kunnen missen.”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen vraagsteller: anoniem

kort antwoord Nee, niet zonder jouw instemming. Een OR-lid mag geen financieel of ander nadeel ondervinden van zijn OR-werk. Als dagdienst betekent dat je ploegentoeslag misloopt, is dat een directe benadeling. De werkgever mag met jou zoeken naar een werkbare oplossing, maar alleen als je het daar zelf mee eens bent.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat je als OR-lid regelmatig tijd nodig hebt voor OR-werkzaamheden tijdens je ploegendienst en dat het overzetten naar dagdienst voor jou financieel nadeel oplevert in de vorm van het mislopen van ploegentoeslag. We gaan er verder vanuit dat de werkgever dit voorstel eenzijdig heeft gedaan en dat er nog geen overeenstemming is bereikt.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

 Artikel 21 van de WOR beschermt OR-leden uitdrukkelijk tegen benadeling als gevolg van hun OR-werk. Een OR-lid mag niet worden benadeeld in zijn positie in de onderneming vanwege zijn kandidaatstelling, zijn lidmaatschap of zijn werkzaamheden voor de OR. Het mislopen van ploegentoeslag door een functiewijziging die is ingegeven door OR-werkzaamheden, valt daar rechtstreeks onder.

Op grond van artikel 18 van de WOR heeft een OR-lid recht op de tijd die nodig is voor zijn OR-werk, zonder inlevering van salaris of toeslagen. De kosten die dat voor de werkgever met zich meebrengt, zijn voor rekening van de werkgever. Het feit dat de ploeg daardoor tijdelijk een man tekortkomt, is een organisatorisch probleem dat de werkgever zelf moet oplossen, bijvoorbeeld door de ploeg uit te breiden.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De werkgever mag samen met jou zoeken naar de meest werkbare combinatie van OR-werk en reguliere werkzaamheden. Maar dat zoeken moet in overleg, en het eindresultaat moet voor jou acceptabel zijn. Als jij niet akkoord gaat met de overstap naar dagdienst, zijn de gesprekken nog niet klaar. De werkgever kan jou niet eenzijdig overplaatsen zonder jouw instemming als dat financieel nadeel voor jou oplevert.

Verstandige volgende stap

Geef schriftelijk aan dat je niet akkoord gaat met de overstap naar dagdienst omdat je daardoor ploegentoeslag misloopt en dat dit in strijd is met artikel 21 van de WOR. Bespreek de situatie daarna in de OR-vergadering met de andere OR-leden. Ga vervolgens als OR samen met de Bestuurder in gesprek over hoe de organisatie dit probleem gaat oplossen, zonder dat jij daar nadeel van ondervindt.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: faciliteiten en vergoedingen van de OR

uitlegpagina: wat zijn OR-faciliteiten?

WOR-artikelen:
artikel 18 WOR: vrijgestelde tijd en scholingsrechten
artikel 21 WOR: bescherming OR-leden

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over faciliteiten en vergoedingen

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: Arbo Ri&E

thema: arbo en RI&E

vraag: 'Is het wenselijk dat een OR-lid ook de preventiemedewerker wordt?'

“Is het wenselijk wanneer een OR-lid tevens de preventiemedewerker wordt?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anonieme voorzitter van de OR

kort antwoord Het mag, maar het is niet zonder risico. Een OR-lid dat ook preventiemedewerker is, kan te maken krijgen met een dubbele pet: enerzijds het belang van de medewerkers behartigen als OR-lid, anderzijds het beleid van de werkgever uitvoeren als preventiemedewerker. Of die combinatie verstandig is, hangt af van de persoon, de OR en de organisatiecultuur.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de vraag gaat over een situatie waarin een zittend OR-lid wordt gevraagd of overweegt de rol van preventiemedewerker op zich te nemen en dat de OR nog geen standpunt heeft ingenomen over de benoeming.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Op grond van de Arbowet is de benoeming van de preventiemedewerker instemmingsplichtig. Dat betekent dat de OR moet instemmen met de benoeming van de persoon die de functie gaat vervullen, niet alleen met de functie zelf. Als het gaat om de benoeming van een OR-lid als preventiemedewerker, stemt de OR dus feitelijk in met de benoeming van een van zijn eigen leden. Dat roept de vraag op of de OR in dat geval nog objectief kan oordelen.

De preventiemedewerker heeft op grond van de Arbowet twee rollen die op gespannen voet met elkaar kunnen staan: hij is adviseur van de OR op het gebied van arbo en veiligheid, én hij is de aangewezen persoon om het arbobeleid van de werkgever uit te voeren en uit te dragen. Als diezelfde persoon ook OR-lid is, ontstaat er een situatie waarin hij zijn eigen adviezen als OR-lid moet beoordelen en zijn eigen werkgeversbeleid als preventiemedewerker moet verdedigen.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De combinatie van OR-lid en preventiemedewerker is niet verboden, maar vraagt om een heldere afspraak over hoe de OR omgaat met situaties waarin de belangen van beide rollen botsen. De OR doet er verstandig aan om vooraf te bespreken hoe het betreffende OR-lid zich gedraagt als er een arbo-onderwerp op de agenda staat waarbij zijn dubbele rol een rol speelt. Kan hij zich dan onthouden van stemming? Treedt hij dan terug als adviseur? Dat zijn vragen die beantwoord moeten worden voordat de benoeming plaatsvindt.

Verstandige volgende stap

Bespreek als OR de voor- en nadelen van de combinatie voordat er een instemmingsbesluit wordt genomen. Maak daarbij ook afspraken over hoe het OR-lid omgaat met situaties waarin zijn twee rollen botsen. Leg die afspraken vast. Is de OR er niet uit, bespreek de situatie dan met een adviseur medezeggenschap of arbodeskundige voordat er een besluit wordt genomen.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: arbo en RI&E

uitlegpagina: arbo en RI&E voor de OR

WOR-artikelen:  artikel 27 WOR: instemmingsrecht van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over arbo en RI&E

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Onze OR wil uitbreiden van 3 naar 4 of 5 leden. Kunnen er tussentijds verkiezingen komen zonder dat de huidige leden aftreden?'

“De OR van onze organisatie bestaat uit 3 leden. Zij willen uitbreiden naar 4, mogelijk 5 leden. De omvang van de organisatie is ongeveer 50 medewerkers. Er is bij de start bewust afgeweken van de omvang van 5 leden.

De OR kan tussentijds het reglement wijzigen naar 4 of 5 leden, maar hoe zit het met de verkiezingen? Kunnen er dan tussentijds nieuwe verkiezingen komen? En moeten de huidige OR-leden dan aftreden en zich ook opnieuw beschikbaar stellen? De zittingstermijn is 3 jaar. Ze zijn nu ongeveer 1,5 jaar bezig. Of kunnen er pas na de huidige zittingstermijn verkiezingen komen?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De huidige OR-leden hoeven niet af te treden. Voor de nieuwe zetels kunnen tussentijdse verkiezingen worden gehouden, waarbij de nieuwe leden worden gekozen voor de resterende duur van de zittingsperiode. Of dat zomaar kan, hangt af van hoe het aantal zetels is vastgelegd: alleen in het reglement, of ook in een convenant met de Bestuurder.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de huidige OR de eerste OR van de organisatie is en dat het aantal zetels is vastgelegd in het OR-reglement. We gaan er verder vanuit dat er geen ondernemingsovereenkomst (convenant) is gesloten met de Bestuurder over het aantal zetels. Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 6 van de WOR bepaalt het minimum aantal zetels op basis van het aantal medewerkers. Bij een organisatie met 50 medewerkers is het wettelijk minimum 5 zetels. De OR kan in zijn reglement een afwijkend aantal zetels vaststellen, maar alleen met toestemming van de ondernemer. Datzelfde artikel bepaalt ook dat het aantal zetels niet tussentijds mag worden aangepast vanwege een toe- of afname van het aantal medewerkers. In de praktijk wordt een uitbreiding toch regelmatig overeengekomen tussen OR en Bestuurder, omdat beide partijen baat hebben bij een goed functionerende OR.

Als het aantal zetels ook is vastgelegd in een convenant op grond van artikel 32 van de WOR, moet dat convenant opnieuw worden onderhandeld voordat er iets kan worden gewijzigd.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De huidige OR-leden zijn gekozen voor de volledige zittingstermijn. Hun lidmaatschap eindigt alleen bij het einde van de zittingstermijn, bij beëindiging van het dienstverband of op eigen verzoek. Ze hoeven dus niet af te treden als het aantal zetels wordt uitgebreid. Voor de nieuwe zetels kunnen tussentijdse verkiezingen worden gehouden op grond van artikel 9 van de WOR. De nieuwe leden worden dan gekozen voor de resterende 1,5 jaar van de huidige zittingstermijn. Als er een kiesgroepensysteem is, moet ook worden bepaald aan welke kiesgroep de nieuwe zetels worden toegevoegd.

Verstandige volgende stap

Controleer eerst of het aantal zetels alleen in het OR-reglement staat of ook in een convenant met de Bestuurder. Is er alleen een reglement, dan kan de OR dat aanpassen nadat de Bestuurder zijn standpunt heeft kunnen geven op grond van artikel 8 van de WOR. Is er ook een convenant, dan moet daarover eerst opnieuw worden onderhandeld. Betrek de Bestuurder tijdig bij dit proces, ook als er geen convenant is. Leg daarna de nieuwe afspraken vast en organiseer tussentijdse verkiezingen voor de nieuwe zetels.

meer informatie? lees nu verder:
themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikelen:
artikel 6 WOR: samenstelling van de OR
artikel 8 WOR: het OR-reglement
artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR
artikel 10 WOR: werkwijze van de OR
artikel 14 WOR: zittingsduur OR-leden
artikel 32 WOR: ondernemingsovereenkomst
artikel 48 WOR: eerste OR-reglement

FAQ-pagina: OR-verkiezingen en reglement 

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Onze OR heeft nog maar 5 van de 11 leden. Mag dat, en kunnen we nog besluiten nemen?'

“Helaas heeft onze OR last van veel vertrekkende leden en weinig aanwas. We hebben regulier een OR van 11 personen (afgesproken met de Bestuurder in het verleden, recht is op 15), en nu zijn het er 5. Is dit nog wel wettelijk mogelijk? En hoeveel leden moet een OR minimaal hebben om besluiten te kunnen nemen?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De WOR stelt geen wettelijk minimum aan het aantal OR-leden dat nodig is om te kunnen functioneren. Zolang er OR-leden zijn, is er een OR. Of de OR met 5 leden nog rechtsgeldig besluiten kan nemen, hangt af van wat er in het OR-reglement staat over besluitvorming.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de OR een reglement heeft waarin is vastgelegd hoe besluiten worden genomen. We gaan er verder vanuit dat er tussentijdse verkiezingen zijn uitgeschreven voor de vacante zetels, maar dat er onvoldoende kandidaten zijn.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

De WOR doet geen expliciete uitspraak over een minimum aantal OR-leden dat nodig is om rechtsgeldig te kunnen functioneren. Wat artikel 9 van de WOR wel bepaalt, is dat als bij het sluiten van de kandidaatstellingsperiode het aantal kandidaten gelijk is aan of kleiner is dan het aantal vacante zetels, die kandidaten geacht worden te zijn gekozen zonder verdere stemming. Dat betekent dat de OR blijft bestaan zolang er OR-leden zijn, ook al zijn er vacante zetels.

Het punt waar het in de praktijk op aankomt, is de formulering in het OR-reglement over besluitvorming. Staat er "meerderheid van aanwezige leden", dan vormen de 5 aanwezige leden een geldige vergadering. Staat er "meerderheid van zetels", dan tellen de vacante zetels mee en kan de OR mogelijk geen geldige besluiten meer nemen. Controleer dit direct in het reglement.

De OR is op grond van artikel 9 van de WOR verplicht tussentijdse verkiezingen uit te schrijven voor vacante zetels. Als er geen kandidaten komen, blijft het een probleem dat praktisch moet worden opgelost, maar dat maakt de OR niet automatisch ongeldig.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

Een OR met 5 leden waar eigenlijk 11 zetels zijn, is kwetsbaar maar niet per definitie onwettig. De OR kan nog steeds vergaderen en besluiten nemen, mits het reglement dat toestaat op basis van aanwezige leden. Het gebrek aan kandidaten is een signaal dat de OR onvoldoende zichtbaar is bij de achterban. Medewerkers stellen zich vaker kandidaat als ze het OR-werk kennen en als ze het gevoel hebben dat de OR er echt toe doet in de organisatie.

verstandige volgende stap Controleer eerst in het OR-reglement hoe besluitvorming is geregeld. Schrijf daarna opnieuw tussentijdse verkiezingen uit en bespreek het gebrek aan kandidaten als gedeeld probleem met de Bestuurder. De Bestuurder is immers ook gebaat bij een volwaardige OR. Overweeg samen hoe medewerkers actiever kunnen worden benaderd om zich kandidaat te stellen, bijvoorbeeld via het management of via een persoonlijke uitnodiging aan medewerkers die geschikt lijken.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Mogen niet-gekozen kandidaten uit een andere kiesgroep een vacante zetel in een andere kiesgroep invullen?'

“Bij het werken met kiesgroepen wordt vaak benoemd dat hiervoor als nadeel kan gelden dat eerder sprake kan zijn van vacante zetels. Niettemin wordt hier nog wel eens als praktische oplossing voor aangedragen dat bij een overmaat aan kandidaten uit andere kiesgroepen deze de vacante zetels mogen innemen, op basis van bepalingen in het reglement. Dit lijkt een sluitende oplossing, maar ik heb eerder begrepen dat hier kanttekeningen en beperkingen aan zitten. Welke zijn dit?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De WOR kent deze oplossing niet. Ze is niet verboden, maar ook niet wettelijk geregeld. Als je dit wilt toepassen, moet het vooraf goed en objectief zijn vastgelegd in het OR-reglement. Het risico is dat alle OR-leden uiteindelijk uit één kiesgroep komen, waardoor het systeem zijn representatieve functie verliest.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de OR werkt met een kiesgroepensysteem dat is vastgelegd in het OR-reglement en dat er vacante zetels zijn ontstaan omdat er in een kiesgroep onvoldoende kandidaten zijn. We gaan er verder vanuit dat de OR op zoek is naar een praktische oplossing die democratisch verantwoord is.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

 Artikel 9 van de WOR regelt de verkiezingsprocedure en het kiesgroepensysteem. De WOR schrijft voor dat verkiezingen democratisch en objectief verlopen. De wet kent de oplossing van het opvullen van vacante zetels met kandidaten uit een andere kiesgroep niet expliciet, maar verbiedt haar ook niet. Dat betekent dat de OR deze oplossing in zijn reglement kan vastleggen, mits de procedure vooraf helder en objectief is beschreven en alle belanghebbenden het ermee eens zijn.

In de praktijk zijn er twee kampen. De zogenoemde "preciezen" vinden dat alles wat niet in de WOR staat ook niet is toegestaan. De "rekkelijken" zien het juist als een goede praktische oplossing, zolang de procedure maar democratisch verloopt. De rechter heeft zich hier nog niet eenduidig over uitgesproken.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De grootste praktische risico is dat alle OR-leden uiteindelijk uit één kiesgroep komen. Dat is wettelijk niet verboden, maar het ondermijnt wel de representatieve functie van het kiesgroepensysteem. Als je deze oplossing wilt toepassen, is het belangrijk om in het reglement vooraf vast te leggen hoe niet-gekozen kandidaten in aanmerking komen voor een zetel in een andere kiesgroep. Een objectieve maatstaf, zoals de volgorde van stemverhoudingen bij de verkiezingen, voorkomt willekeur en discussie achteraf.

Verstandige volgende stap

Bespreek deze oplossing eerst met alle belanghebbenden: de achterban, de Bestuurder en de vakbonden. Leg de procedure daarna objectief en eenduidig vast in het OR-reglement voordat je haar toepast. Zorg dat de volgorde van kandidaten helder is vastgelegd, zodat niemand achteraf kan stellen dat de procedure niet democratisch is verlopen.

meer informatie? lees hier verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Mag de OR zelf bepalen wie een vacante zetel invult als er meerdere kandidaten zijn?'

“In het bedrijf waar ik werkzaam ben komt een plaats binnen de OR vrij. Samen met nog een andere kandidaat heb ik me hiervoor opgegeven. Vanuit de OR heb ik nu een brief gekregen dat men heeft gekozen voor de andere kandidaat zonder dat hier verkiezingen over zijn geweest. Met als reden dat er anders teveel mensen uit 1 kader binnen de OR deelnemen. Mijn inziens moet er altijd een verkiezing worden uitgeschreven bij meerdere aanmeldingen. Graag hierop een antwoord.”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De OR mag niet zelf bepalen wie een vacante zetel invult als er meerdere kandidaten zijn. Zodra er meer kandidaten zijn dan vacatures, zijn verkiezingen verplicht. De reden die de OR aanvoert, namelijk dat er anders teveel mensen uit één kader deelnemen, is geen wettelijke grond om verkiezingen over te slaan.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat er gedurende de zittingstermijn een OR-lid zijn lidmaatschap heeft beëindigd en er daardoor een vacante zetel is ontstaan. We gaan er verder vanuit dat de OR geen kiesgroepensysteem hanteert, of dat beide kandidaten uit dezelfde kiesgroep komen. Als de OR wel met kiesgroepen werkt en de kandidaten uit verschillende kiesgroepen komen, kan de beoordeling op dit onderdeel anders uitvallen.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 9 van de WOR regelt dat de OR bij een vacature verplicht is tussentijdse verkiezingen te organiseren. Zijn er minder of evenveel kandidaten als vacante zetels, dan zijn de kandidaten geacht te zijn gekozen zonder dat er verdere verkiezingen nodig zijn. Zijn er echter meer kandidaten dan vacatures, dan moeten er altijd verkiezingen worden gehouden. Het democratisch beginsel dat aan de WOR ten grondslag ligt, brengt mee dat de achterban zelf bepaalt wie hen vertegenwoordigt. De OR kan die keuze niet zelf maken.

De reden die de OR aanvoert, namelijk de samenstelling van de OR naar kader of afdeling, is geen wettelijke grond om een kandidaat uit te sluiten of verkiezingen over te slaan. Als de OR dit toch doet, is de procedure niet rechtsgeldig. Elke belanghebbende kan daartegen bezwaar maken, desnoods via de rechter.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De OR heeft in deze situatie een fout gemaakt door zelf een keuze te maken tussen twee kandidaten zonder verkiezingen te houden. De brief die aan de vraagsteller is gestuurd, is geen rechtsgeldige beslissing. Als de vraagsteller bezwaar maakt, zal de OR alsnog verkiezingen moeten uitschrijven. Doet de OR dat niet, dan kan de vraagsteller naar de kantonrechter stappen.

Verstandige volgende stap

Maak schriftelijk bezwaar bij de OR en geef aan dat je de gevolgde procedure in strijd acht met artikel 9 van de WOR. Vraag de OR om alsnog tussentijdse verkiezingen uit te schrijven. Reageert de OR niet of wijst ze het bezwaar af, dan kun je de situatie voorleggen aan de kantonrechter of aan een vakbond die je daarin kan bijstaan.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Ben je verplicht om bij 200 tot 400 medewerkers 9 OR-leden te hebben, of kun je het bij 7 laten?'

“Ben je verplicht om bij 200 tot 400 fte 9 leden in je OR te hebben? Of kun je het bij de huidige 7 personen laten?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: Johan

kort antwoord Je bent niet verplicht om op 9 zetels over te gaan. De WOR geeft de OR het recht op 9 zetels bij meer dan 200 medewerkers, maar je kunt van dat recht afzien. Dat vraagt wel om draagvlak bij alle belanghebbenden en moet zijn vastgelegd voordat de volgende verkiezingen worden uitgeschreven.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de organisatie tussen de 200 en 400 medewerkers in dienst heeft en dat de huidige OR 7 zetels heeft, vastgelegd in het OR-reglement. We gaan er verder vanuit dat de vraag gaat over de situatie vóór de eerstvolgende OR-verkiezingen.

Juridisch kader

Artikel 6 van de WOR bevat een staffel die het aantal OR-zetels koppelt aan het aantal medewerkers. Bij een organisatie met 200 tot 400 medewerkers heeft de OR recht op 9 zetels. Datzelfde artikel bepaalt echter ook dat de OR met toestemming van de ondernemer in zijn reglement een afwijkend aantal leden kan vaststellen, mits de democratische vertegenwoordiging van de medewerkers daardoor niet wordt benadeeld.

Het aantal zetels kan bovendien pas worden aangepast bij de eerstvolgende verkiezingen. Een tussentijdse aanpassing is niet mogelijk op grond van een toe- of afname van het aantal medewerkers.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De OR heeft het recht op 9 zetels, maar is niet verplicht dat recht te gebruiken. Wil de OR bij 7 zetels blijven, dan moet dat kunnen worden onderbouwd: de OR moet kunnen aantonen dat hij met 7 leden alle taken democratisch en volledig kan uitvoeren. Die onderbouwing moet worden gedeeld met alle belanghebbenden: de achterban, de Bestuurder en de vakbonden. Vakbonden hebben bij OR-verkiezingen nog altijd het voordrachtsrecht en moeten dus worden betrokken. Pas als geen van de belanghebbenden bezwaar maakt, kunnen de volgende verkiezingen worden uitgeschreven voor 7 zetels.

Het is overigens geen bezwaar als de OR formeel 9 zetels heeft maar er twee vacatures zijn. Vacante zetels zijn juridisch gezien geen probleem, zolang de OR zijn taken kan blijven uitvoeren.

Verstandige volgende stap

Controleer eerst hoeveel medewerkers er op het moment van de volgende verkiezingen naar verwachting in dienst zijn, want dat bepaalt het wettelijk aantal zetels. Bespreek daarna intern als OR of 7 zetels voldoende is om alle taken goed uit te voeren. Leg die conclusie voor aan de Bestuurder en de vakbonden. Zijn alle partijen het eens, leg het dan vast in het OR-reglement vóór de volgende verkiezingen worden uitgeschreven.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 6 WOR: samenstelling van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Verliest een reservekandidaat zijn voorrangspositie als hij twee keer een vacante zetel heeft geweigerd?'

“Bij deze wend ik mij tot u vanwege het feit dat ik bezwaar heb aangetekend tegen onze OR, dit vanwege het voornemen om iemand toe te voegen als OR-lid bij vertrek van een bestaand OR-lid.

In 2019 zijn er verkiezingen geweest, waarbij 8 van de 14 kandidaten rechtstreeks zijn gekozen. De overige kandidaten bleven op een reservelijst staan voor eventuele vervanging. De betrokken kandidaat stond op plek 9 en ondergetekende op plek 14.

Inmiddels zijn van de kandidaten op de reservelijst drie leden definitief vertrokken. De afgelopen jaren zijn er twee wissels geweest. De betrokken kandidaat heeft tot twee keer toe geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid een vacante zetel in te nemen, terwijl hij als eerste kandidaat daarvoor in aanmerking zou komen. Nu vertrekt op 1 februari 2021 weer een OR-lid en wil de OR hem alsnog in de OR laten plaatsnemen. Hij heeft nu toegestemd.

Ik heb bezwaar gemaakt omdat hij tot twee keer toe geen gebruik heeft gemaakt van deze mogelijkheid. Ik ben van mening dat hij nu deze voorrangspositie niet meer kan innemen en dat ik nu aan de beurt ben. Kan ik aanspraak maken op deze vrijgekomen plaats of moet ik mij hierbij neerleggen?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De kandidaat op plek 9 behoudt zijn positie op de reservelijst, ook als hij eerder heeft geweigerd. Weigeren betekent niet dat je je positie verliest, tenzij het OR-reglement dat expliciet bepaalt. Dat is het enige aanknopingspunt om alsnog aanspraak te maken op de zetel.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de reservelijst is opgesteld op basis van het aantal stemmen dat kandidaten hebben behaald bij de verkiezingen in 2019 en dat het OR-reglement is gebaseerd op het voorbeeldreglement van de SER. We gaan er verder vanuit dat de betrokken kandidaat de organisatie niet heeft verlaten en zich niet formeel heeft teruggetrokken als kandidaat.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 9 van de WOR regelt de verkiezingsprocedure en de wijze waarop vacante zetels worden ingevuld. Kandidaten die niet zijn gekozen worden op volgorde van stemverhouding op een reservelijst geplaatst. In die volgorde worden zij benaderd bij een vacature. Een kandidaat behoudt zijn positie op de reservelijst zolang hij in dienst is van de organisatie en zich niet formeel heeft teruggetrokken. Het enkele feit dat hij eerder heeft geweigerd, geeft hem geen lagere positie op de lijst, tenzij het OR-reglement daar een expliciete bepaling over bevat.

De mening van de OR over wie de zetel zou moeten innemen, is in dit verband niet relevant. De volgorde van de reservelijst is leidend, niet het oordeel van de zittende OR-leden.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

Als het reglement geen bepaling bevat over het vervallen van de voorrangspositie bij eerdere weigering, staat de vraagsteller juridisch gezien in een lastige positie. De kandidaat op plek 9 handelt binnen de regels door nu alsnog de zetel te aanvaarden. De enige uitzondering zou zijn als het reglement bepaalt dat een kandidaat die twee keer weigert zijn positie verliest. Dat is het enige aanknopingspunt om dit bezwaar te onderbouwen.

Daarnaast biedt de praktijk soms een andere uitweg: de OR kan in overleg met de Bestuurder de OR tijdelijk uitbreiden met een extra zetel, zodat beide kandidaten kunnen deelnemen.

verstandige volgende stap

Controleer het OR-reglement op bepalingen over het vervallen van de voorrangspositie bij eerdere weigering. Is daar niets over vastgelegd, dan is het bezwaar juridisch moeilijk vol te houden. Bespreek in dat geval met de OR of er mogelijkheden zijn om alsnog een rol te krijgen, bijvoorbeeld als commissielid of via een tijdelijke uitbreiding van het aantal OR-zetels in overleg met de Bestuurder.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Moeten er alsnog tussentijdse verkiezingen komen als er bij een alternatieve procedure onverwacht veel kandidaten zijn?'

“De OR heeft een vrijgekomen zetel pragmatisch opgelost door het publiceren van een vacature, na toestemming hiervoor van de achterban, vakbonden en Bestuurder. De zetel mag parttime of door twee personen worden ingevuld. De animo blijkt echter onverwachts hoog: meer dan vijf collega's hebben gereageerd. Moeten er nu alsnog tussentijdse verkiezingen worden georganiseerd, of kunnen de overige kandidaten op een andere, moderne manier met de medezeggenschap meedoen?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord Zodra er meer kandidaten zijn dan vacante zetels, zijn verkiezingen verplicht. De alternatieve procedure die is afgesproken, voorziet niet in een keuze tussen meerdere kandidaten. Doorgaan zonder verkiezingen leidt tot een niet-rechtsgeldige situatie. De meest kansrijke uitweg is om alle vijf kandidaten als volwaardig OR-lid toe te laten via een tijdelijke uitbreiding van het aantal zetels, in overleg met alle belanghebbenden.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de alternatieve procedure vooraf met alle belanghebbenden is afgesproken en dat alle partijen die procedure als democratisch en volwaardig hebben beoordeeld. We gaan er verder vanuit dat er meer dan vijf kandidaten zijn voor één vacante zetel en dat de namen van de kandidaten inmiddels bekend zijn bij de OR en de achterban.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 9 van de WOR bepaalt dat OR-verkiezingen zo democratisch mogelijk moeten verlopen. Zijn er meer kandidaten dan vacante zetels, dan moeten er verkiezingen worden gehouden. De WOR biedt ruimte voor alternatieve procedures, maar alleen als alle belanghebbenden het eens zijn over de gekozen methode én de procedure volledig democratisch verloopt. Zodra de situatie verandert en de alternatieve procedure niet langer voorziet in een democratische oplossing, vervalt de rechtsgeldigheid van die procedure.

Alles wat afwijkt van wat de WOR voorschrijft, is in principe niet rechtsgeldig. Als één van de belanghebbenden bezwaar maakt, moet de OR de afwijkende procedure terugdraaien en alsnog gewone OR-verkiezingen organiseren volgens de regels van de WOR. Dat risico bestaat nu de procedure in de praktijk anders uitpakt dan voorzien.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De OR zit in een lastige situatie. De namen van de kandidaten zijn bekend, wat het organiseren van een werkelijk democratisch alternatief bemoeilijkt. Elke aanpassing van de alternatieve procedure op dit moment heeft het risico van persoonlijke belangen die de objectiviteit aantasten. Doorgaan met de oorspronkelijke procedure zonder verkiezingen is niet langer verdedigbaar nu er meer kandidaten zijn dan zetels.

De meest praktische uitweg is een tijdelijke uitbreiding van het aantal OR-zetels, zodat alle kandidaten als volwaardig OR-lid kunnen deelnemen. Dat vraagt wel om overeenstemming van alle belanghebbenden en een correcte juridische vastlegging.

Verstandige volgende stap

Ga zo snel mogelijk in gesprek met alle belanghebbenden: de achterban, de vakbonden en de Bestuurder. Leg de ontstane situatie eerlijk voor en onderzoek samen of er een oplossing is waar iedereen volledig achter staat. De meest kansrijke optie is de OR tijdelijk uit te breiden zodat alle kandidaten kunnen deelnemen. Lukt het niet om overeenstemming te bereiken, dan is er maar één weg: reguliere tussentijdse OR-verkiezingen organiseren volgens de regels van de WOR.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Mag een tijdelijk OR-lid zonder verkiezingen vast lid worden, en mag een OR uit een even aantal leden bestaan?'

“Onze OR heeft bij tijdelijke afwezigheid door ziekte verkiezingen uitgeschreven om de ontstane vacature op te vullen. Er is toen een tijdelijk OR-lid aangesteld. Na de verkiezingen verliet een ander OR-lid de OR. Deze vacature werd ingevuld door het tijdelijk vervangende OR-lid permanent lid te maken en de reservekandidaat van de verkiezingen als tijdelijk OR-lid aan te stellen.

Nu is het zieke OR-lid hersteld en teruggekomen en wil de OR de reservekandidaat, en tijdelijk OR-lid, vast OR-lid maken. Hiervoor is toestemming aan de Bestuurder gevraagd en gekregen. Nu zijn ze met zes OR-leden, dat is één meer dan nodig volgens de WOR. De organisatie bestaat uit 80 medewerkers.

Twee vragen: mag het tijdelijke OR-lid zonder verkiezing en raadpleging met de achterban worden toegevoegd aan de OR? En mag een OR uit een even aantal bestaan?”

beantwoord door: Karen Maessen en Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De situatie die hier is ontstaan is juridisch niet correct. Een ziek OR-lid blijft gewoon OR-lid en een tijdelijk vervanger kan niet zonder verkiezingen vast lid worden. Een OR mag wel uit een even aantal leden bestaan, maar pas vanaf de volgende verkiezingen en met toestemming van de ondernemer. Het OR-reglement moet dan wel goed regelen hoe wordt omgegaan met het staken van stemmen.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat het OR-reglement bepaalt dat vacatures worden ingevuld via tussentijdse verkiezingen en dat er op het moment van ziekte geen formele vacature was omdat het zieke OR-lid zijn zetel niet heeft opgegeven. We gaan er verder vanuit dat de toestemming van de Bestuurder is gevraagd voor de uitbreiding van het aantal leden en niet voor de benoeming van een specifiek lid.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Een ziek OR-lid blijft juridisch gezien gewoon OR-lid. Ziekte leidt niet tot een vacature. Een vacature ontstaat pas als een OR-lid zijn zetel opgeeft of de organisatie verlaat. Op het moment dat er dus geen vacature was, hadden er geen verkiezingen uitgeschreven mogen worden. Hoe in de vervulling van een werkelijke vacature wordt voorzien, is vastgelegd in het OR-reglement. Als dat verkiezingen voorschrijft, zijn die verplicht.

Een tijdelijk OR-lid kan niet zonder raadpleging van de achterban vast OR-lid worden gemaakt. Dat is in strijd met het democratische beginsel dat aan de WOR ten grondslag ligt op grond van artikel 9 van de WOR.

Een uitbreiding van het aantal OR-leden tijdens de lopende zittingstermijn is evenmin mogelijk. Dat kan pas bij de volgende OR-verkiezingen en vraagt om toestemming van de ondernemer op grond van artikel 6 van de WOR. Een even aantal leden is daarbij toegestaan, mits het OR-reglement regelt hoe wordt omgegaan met het staken van stemmen.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

De OR heeft een reeks stappen gezet die juridisch kwetsbaar zijn. De benoeming van het tijdelijke lid als vast lid is niet rechtsgeldig zonder verkiezingen. Als een medewerker of belanghebbende daartegen bezwaar maakt, zal de OR die stappen moeten terugdraaien. Tegelijkertijd biedt de praktijk soms ruimte voor pragmatische oplossingen, mits alle betrokkenen het eens zijn en de democratische waarden van de WOR worden gerespecteerd.

verstandige volgende stap

Bespreek de situatie als OR eerst intern en erken dat de gevolgde procedure juridisch niet correct was. Ga daarna in gesprek met de Bestuurder over hoe de situatie zo zorgvuldig mogelijk kan worden rechtgezet. Als het de bedoeling is om met zes leden verder te gaan, organiseer dan zo snel mogelijk reguliere tussentijdse verkiezingen voor de extra zetel. Pas het OR-reglement aan zodat is geregeld hoe wordt besloten als de stemmen staken.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikelen:
artikel 6 WOR: samenstelling van de OR
artikel 9 WOR: verkiezingen van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

thema: OR-verkiezingen en reglement

vraag: 'Mag de OR een minimum aantal contracturen als eis stellen voor kandidaatstelling?'

“In het reglement van de OR van een gemeente staat nergens dat kandidaten een minimum aantal uur werkzaam moeten zijn. Een trouwambtenaar heeft met de invoering van de WNRA ook een arbeidsovereenkomst op oproepbasis. Kunnen zij zich nu ook kandidaat stellen als ze aan de overige eisen voldoen? En zou je in het reglement een volgende keer een minimum aantal contracturen als eis kunnen stellen?”

beantwoord door: Karen Maessen vraagsteller: anoniem

kort antwoord Nee, de OR mag geen minimum aantal contracturen als eis stellen aan kandidaten. Iedereen die ten minste 3 maanden in de onderneming werkzaam is, kan zich kandidaat stellen, ook deeltijdmedewerkers en oproepkrachten. De enige eis die de OR in zijn reglement mag aanpassen, is de diensttijdtermijn van een jaar.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat de trouwambtenaar een arbeidsovereenkomst heeft op oproepbasis en daarmee formeel in dienst is van de gemeente. We gaan er verder vanuit dat de trouwambtenaar voldoet aan de diensttijdeis van minimaal een jaar in de onderneming werkzaam zijn.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 6 van de WOR bepaalt dat alle personen die in de onderneming werkzaam zijn en ten minste een jaar in dienst zijn, zich verkiesbaar kunnen stellen voor de OR. Die omschrijving geldt ook voor deeltijdmedewerkers en oproepkrachten met een arbeidsovereenkomst. De invoering van de Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (WNRA) heeft de rechtspositie van ambtenaren gelijkgesteld aan die van werknemers in het private recht. Een trouwambtenaar met een arbeidsovereenkomst valt daarmee onder het bereik van de WOR.

De OR mag in zijn reglement de diensttijdtermijn van drie maanden aanpassen als dat bevorderlijk is voor een goede toepassing van de WOR. Behalve die diensttijdeis mogen er geen andere eisen worden gesteld aan kandidaten. Een minimum aantal contracturen is dus niet toegestaan als aanvullende eis, ongeacht wat er in het reglement staat of zou kunnen worden opgenomen.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

Een trouwambtenaar op oproepbasis die ten minste drie maanden in dienst is, heeft het recht zich kandidaat te stellen voor de OR. De OR kan dat niet uitsluiten via het reglement. Als de OR toch een minimum aantal contracturen als eis zou opnemen in een nieuw reglement, is die bepaling in strijd met de WOR en daarmee nietig.

verstandige volgende stap

Controleer of de trouwambtenaar voldoet aan de diensttijdeis van minimaal drie maanden. Is dat het geval, dan staat de kandidaatstelling open. Pas het OR-reglement niet aan met een contractureneis, want die is wettelijk niet toegestaan. Wil de OR de toegang tot het OR-lidmaatschap nader reguleren, bespreek dat dan met een jurist medezeggenschap voordat er iets in het reglement wordt vastgelegd.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: OR-verkiezingen en OR-reglement

uitlegpagina: wat is een OR-reglement?

WOR-artikel: artikel 6 WOR: samenstelling van de OR

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over OR-verkiezingen en reglement

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

Thema: De WOR wegwijzer

thema: WOR wegwijzer

vraag: 'Mag de OR in actie komen op basis van een signaal van één medewerker over ongelijke salarisindexatie?'

“Een medewerker heeft aangegeven het idee te hebben dat er bij de salarisronde niet voor iedereen eenzelfde standaard indexatie wordt toegepast. Het gaat om een basisverhoging en niet een persoonlijke verhoging.

Heeft de OR hier een rol in? En in het algemeen: mag een OR in actie komen bij een opmerking van een enkele medewerker, of moeten er altijd meer medewerkers uit verschillende functies een melding maken om als OR in actie te mogen komen?”

beantwoord door: Sander Vrugt van Keulen
vraagsteller: anoniem

kort antwoord De OR is er niet om individuele problemen op te lossen, maar om de belangen van alle medewerkers te behartigen. Eén signaal kan wel aanleiding zijn om verder te onderzoeken of het breder speelt. De OR heeft op grond van de WOR het recht om informatie op te vragen bij de Bestuurder en heeft een toezichthoudende taak op de naleving van arbeidsvoorwaarden.

Uitgangspunten en aannames

Deze vraag bevat niet alle informatie die nodig is voor een volledig antwoord. We gaan er in dit antwoord vanuit dat het gaat om een standaard salarisindexatie die voor alle medewerkers gelijk zou moeten zijn en niet om een persoonlijke loonsverhoging. We gaan er verder vanuit dat de OR nog geen formeel signaal heeft ontvangen van meerdere medewerkers en dat er geen cao of andere regeling is die de indexatie expliciet vastlegt.

Als één van deze aannames niet klopt, kan de beoordeling op onderdelen anders uitvallen.

Juridisch kader

Artikel 28 van de WOR geeft de OR een toezichthoudende taak op de naleving van de in de onderneming geldende voorschriften op het gebied van de arbeidsvoorwaarden. Een standaard salarisindexatie valt daar ook onder, ongeacht of die is vastgelegd in een cao, in een afspraak tussen OR en Bestuurder of in een algemene regeling.

Op grond van artikel 31 van de WOR heeft de OR het recht om alle inlichtingen en gegevens op te vragen die hij redelijkerwijs nodig heeft voor de vervulling van zijn taak. De Bestuurder is verplicht die informatie desgevraagd schriftelijk te verstrekken. De OR kan dus bij de Bestuurder navragen of de indexatie inderdaad niet voor iedereen gelijk is toegepast en wat daarvoor de reden is.

Wat dit praktisch betekent voor de OR

 De OR hoeft niet te wachten tot meerdere medewerkers zich melden. Eén signaal is voldoende aanleiding om zelf te onderzoeken of het breder speelt. Dat kan door eigen salarisbrieven na te kijken, collega's informeel te bevragen of een algemene vraag te stellen via de OR-nieuwsbrief. De OR kan ook direct een informatievraag stellen aan de Bestuurder zonder daarmee een formeel standpunt in te nemen.

Verstandige volgende stap

Stel de Bestuurder schriftelijk een informatievraag op grond van artikel 31 WOR. Vraag of de standaard indexatie voor alle medewerkers gelijk is toegepast en of er afwijkingen zijn. Zo kom je snel meer te weten zonder dat je al een standpunt inneemt. Bespreek daarna intern als OR of er aanleiding is voor verdere actie.

meer informatie? lees nu verder:

themapagina: WOR wegwijzer

uitlegpagina: de Wet op de ondernemingsraden

WOR-artikelen:
artikel 28 WOR: taak van de OR
artikel 31 WOR: recht op informatie

FAQ-pagina: veelgestelde vragen over de WOR wegwijzer

Dit antwoord geeft een eerste inhoudelijke reactie op basis van wat is beschreven. Het is geen juridisch advies. Past de situatie in dit antwoord niet precies bij jouw OR? Neem dan contact op met CT².

Primaire Sidebar

Logo CT2 2018

SNEL CONTACT OPNEMEN?

info@CT2.nl
040-2813128

CT² is een CoachSander organisatie

ONZE MEEST BEZOCHTE PAGINA'S

  • adviesaanvraag: eenvoudige checklist voor OR en Bestuurder
  • 2025: wetswijzigingen en belangrijke zaken voor de OR
  • dagelijks bestuur van de OR: wat doen de voorzitter en secretaris?
  • OR expertgids werkkostenregeling

ONZE NIEUWSTE BLOGS

Recente berichten

  • Arbowet 2026: Wat verandert er voor de OR? instemming en raadpleging: welk recht heeft de OR bij arbo-onderwerpen?
  • arbo 2026: wetsvoorstellen waar de OR op moet letten
  • de Arbowet is gewijzigd: raadplegen nu verplicht 
Beheer cookie toestemming
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over je apparaat op te slaan en/of te raadplegen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Als je geen toestemming geeft of uw toestemming intrekt, kan dit een nadelige invloed hebben op bepaalde functies en mogelijkheden.
Functioneel Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt. De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een website of over verschillende websites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.
  • Beheer opties
  • Beheer diensten
  • Beheer {vendor_count} leveranciers
  • Lees meer over deze doeleinden
Bekijk voorkeuren
  • {title}
  • {title}
  • {title}